De modderbanken
Twee keer per etmaal wordt het laagwater en vallen de modderbanken langs de oevers van het estuarium droog. Deze banken zijn rijk aan ingegraven wormen, krabben, kleine garnaalachtige diertjes en schelpdieren. Deze vormen het voedsel van tal van steltlopers (snipjes), reigers, ibissen, lepelaars (lepelbekken) en meeuwen.

Harde modderbanken zijn niet zo vogelrijk als zachte modderbanken. De modderbanken zijn voor deze vogels echter alleen tijdens de laagwaterperiode toegankelijk. Bij opkomend water worden de vogels al gauw weer naar hoger gelegen stukken opgedreven, waarna een deel uitwijkt naar de pannen die in en achter de parwa zone liggen. De overige vogels trekken zich in het parwa bos terug.

De kleinere steltloper soorten nemen ook wel de wijk naar de aanlegsteigers bij de visserskampjes. Op deze hoogwatervluchtplaatsen wordt niet meer naar voedsel gezocht. De vogels worden pas weer actief als de modderbanken opnieuw droogvallen.

Ook tijdens nachtelijke laagwater foerageren deze vogels door. De steltlopers op de modderbanken zijn allen trekvogels uit Noord-Amerika. Sommige gaan om te broeden zelfs helemaal naar Alaska. Maar zodra het broedseizoen voorbij is, spoeden zij zich weer naar de voedselrijke modderbanken langs de kusten van Midden- en Zuid-Amerika. Pas in april- mei keren zij weer naar hun broedgebieden terug. Een klein aantal, vermoedelijk onvolwassen vogels, blijft hier echter ook in de noordelijke zomer.

Aantal keer gedeeld

Pin It on Pinterest

Share This